Een persoonlijke terugblik op de mensen, bands en plekken die mijn muzikale leven hebben gevormd. Mijn eerste muzikale herinneringen zijn verbonden met mijn vader. Toen ik kleuter was, kreeg ik een gitaar en leerde hij me eenvoudige liedjes spelen van The Beatles en The Rolling Stones. Later kreeg ik klassieke gitaarles. Dat ben ik een groot deel van mijn jeugd blijven doen: noten lezen en veel klassieke stukken spelen.
Muziek zat bij ons thuis overal doorheen. Ook in de naam van mijn jongere broer: Lennart Reinhard Veerman was vernoemd naar Lennaert Nijgh en Reinhard Mey. Lennaert Nijgh was een meester op gebied van de Nederlandse poëzie en tekstbeleving. Reinhard Mey is een Duitse troubadour die prachtig verhalen weet te vangen in een lied.
Dat mijn vader beroepsmuzikant was, betekende dat het creatieve proces zich voor mijn ogen afspeelde. Het instuderen van nieuwe liedjes aan de keukentafel was de voorbereiding op het podium of de televisie-optredens die ik later zag. Misschien wel de belangrijkste les van mijn vader was dat muziek meer is dan een opeenvolging van tonen. Hij leerde me anders luisteren: Hoe een specifiek akkoordenschema een sfeer van melancholie, hoop of spanning kan creëren zonder dat daar een woord voor nodig is. En wat wil de zanger écht vertellen? Wat ligt er besloten tussen de regels?
Jen Rog

Jen Rog was een Volendamse band die begin jaren zeventig ontstond en verschillende singles uitbracht, waaronder Devilish Mary en So Long Ago. In de bezetting zaten onder anderen Jaap Schilder, beter bekend als Jaap de Witte, Theo van Scherpenseel, Peter Berger, Martin Veerman en Siem ‘Polly’ Schilder.
De band bleef lang actief en stond vooral bekend als een veelgevraagde coverband. Jaap de Witte speelde er gitaar en zong, terwijl Jaap Kwakman er later als jonge gitarist bij kwam. Kwakman werd op zijn vijftiende gevraagd voor Jen Rog; hij was toen nog geen zestien.
Voor mij kwam Jen Rog dichterbij toen mijn belangstelling rond mijn vijftiende meer naar elektrische gitaar uitging. Ik kreeg eerst even les van Jaap de Witte en daarna jarenlang van Jaap Kwakman. Jaap woonde toen nog bij zijn ouders. In zijn tot studio omgebouwde slaapkamer kreeg ik daar gitaarles.
Blue Bus

Tijdens mijn lessen kwam Jan Dulles af en toe even binnenlopen. Het waren korte momenten, maar je voelde dat daar iets broeide. Jan en Jaap Kwakman hadden toen de Engelstalige rockband Blue Bus. Ze namen een rockalbum op. In 2006 won Blue Bus via 3FM een plek in het voorprogramma van Bon Jovi in het Goffertpark in Nijmegen. Daarna besloten ze zich toch te richten op Nederlandstalige muziek met 3JS.
Van horen zeggen begreep ik dat je bij Jaap goed je best moest doen met oefenen, want anders kreeg iemand anders je plaats. Dus ik deed mijn uiterste best om de partijen en loopjes te leren voordat ik op de les verscheen. In die tijd kwam ik daar ook regelmatig Ruud Nieuweboer en Dick de Boer tegen. Zij kregen ook les van Jaap en konden toen al geweldig spelen.
Jan Rab en de garagebands

Jan Rab, eigenlijk Jan van der Sluijs, had in die tijd een drive-in muziekshow: Disco Jan Rab. Het discotijdperk van de jaren tachtig betekende voor hem veel werk, maar ook veel apparatuur. Voor de opslag daarvan had hij een aantal grote loodsen en garages.
Vanuit die plek ontstond ook het idee om oefenruimtes te maken voor bandjes. Lange tijd was hij in Volendam de enige met meerdere repetitieruimtes bij elkaar. Het idee was dat bandjes elkaar daar konden tegenkomen, van elkaar konden leren en elkaar konden helpen. Zonder dat soort plekken waren veel jonge muzikanten waarschijnlijk veel later, of helemaal niet, begonnen met spelen in bands.
In die garages speelde ik met mijn eerste bandjes. In de jaren negentig, tijdens mijn tienerjaren, leerde ik zo Ronald de Boer en Martijn Tol kennen. We speelden vooral funky gitaarmuziek van Primus, Frank Zappa en Red Hot Chili Peppers.
Edward, Ferry en AlascA

In 2001 was er een brand in een café in Volendam. Bij die brand is mijn broer Lennart overleden. Ook mijn vriend Edward Jonk overleed die nacht. Edward en ik deelden een grote passie voor muziek. We gingen samen naar concerten, speelden gitaarriffs na en konden eindeloos muziek luisteren, ontdekken en bespreken. Over de enorme impact van dit verlies is elders al veel geschreven, maar voor mijn muzikale reis betekent het vooral dat de herinnering aan hen doorklinkt in de muziek die ik hoor of speel.
De muzikaliteit in de familie Jonk kreeg later een prachtig vervolg. Edwards jongere broer Ferry Jonk richtte later samen met Frank Bond, William Bond en Louis van Sinderen de band AlascA op. Ze maakten Engelstalige indie-, folk- en rockmuziek. Tussen 2012 en 2018 bracht AlascA drie albums uit: Actors & Liars, Prospero en Plea for Peace. Op die albums staan een aantal mooie liedjes.

Focus

Toen ik een jaar of negentien was, werd ik uitgenodigd voor een besloten feest in De Posthoorn in Monnickendam. Daar speelde een liveband. Ik stond versteld van de muziek: een man die met een dwarsfluit melodieuze rockmuziek stond te spelen. Echt heel goed.
Die man bleek Thijs van Leer te zijn, van Focus. Ik heb die avond lange tijd met hem gesproken. Hij vertelde over Focus, over Jan Akkerman en over de wrijving die later was ontstaan. Op een gegeven moment mocht ik nog een bluesimprovisatie meespelen met zijn band. Thijs was toen ik hem sprak bezig om Focus weer nieuw leven in te blazen en stond hij op het punt om weer op tournee te gaan. De volgende dag heb ik gelijk een cd gekocht met de naam ‘Hocus Pocus’ en platgedraaid.
Funkaholic

Martijn Veerman | Maria Keizer
In 2008 vroegen Martijn Tol en Kees Veerman of ik mee wilde doen met het oprichten van een nieuwe band. Kees is de zoon van Evert Jas, bekend van Left Side, Jen Rog, The Cats en Canyon. Het idee was eenvoudig: muziek maken waar mensen lekker op kunnen dansen.
Zo ontstond Funkaholic. Naast ons voegden ook Maria Keizer, John Lindeboom en Christiaan Veerman zich bij de band. We richtten ons vooral op funk en disco. We speelden avondvullende sets en kregen het keer op keer voor elkaar dat de mensen vanaf de eerste set de dansvloer op gingen. Voor mij was dat een andere leerschool dan klassieke gitaar. Niet spelen om te laten horen wat je kunt, maar spelen om een zaal in beweging te krijgen.
In de beginjaren speelden we veel lokaal, in Volendam en Edam. Later traden we ook regelmatig verder in het land op. We kwamen op allerlei kermissen, bedrijfsfeesten en gelegenheden zoals de huishoudbeurs in de RAI.
Eind 2016 stopte Funkaholic. Een deel van de band ging daarna verder onder de naam The Business. Daar heb ik de beginperiode nog aan meegedaan. De band bestaat nog steeds.

Erik van Rees

Erik van Rees was onze geluidstechnicus. Hij was bij talloze optredens aanwezig. Zowel met Funkaholic als met mijn vader was hij er vaak bij. Zo vaak zelfs, dat hij bijna als een bandlid voelde.
Voor de opslag van al zijn geluidsapparatuur had Erik een aantal grote loodsen. Daar had hij ook oefenruimtes in gemaakt. Voor ons werd dat de wekelijkse repetitielocatie, maar het was ook een ontmoetingsplek waar je allerlei andere bands en muzikanten tegenkwam.
Erik had een groot hart. Op een gegeven moment ving hij zelfs een dakloos gezin op. De oefenruimtes werden ’s nachts slaapkamers. Als wij kwamen oefenen, moesten eerst de matrassen aan de kant worden geschoven. Dat was ook wel het moment waarop wij verder gingen kijken. Niet lang daarna vonden we een eigen privé-oefenruimte in Edam.
Jan Akkerman
Jan Akkerman was een dorpsgenoot van mij toen ik nog in Volendam woonde. Tijdens een gelegenheidsoptreden heb ik eens een tijd met hem zitten praten. Ik heb hem het hemd van het lijf gevraagd over zijn muziekavonturen in het buitenland.
Natuurlijk vroeg ik hem ook naar Focus en Thijs van Leer. Grappend zei hij: “Oh, je bedoelt die jodelaar en flierefluiter.” Maar later in het gesprek bleek ook dat hij veel respect had voor Thijs en terugkeek op een mooie tijd met Focus.

The Cats / Piet Veerman
Als kleine jongen op de basisschool was ik met mijn kameraad Wesley eens bij Cees Veerman van The Cats. Ik wist op die leeftijd niet dat hij muzikant was. Wij hadden vooral bewondering voor zijn tuin. Die stond vol met inheemse planten en bijzondere kruiden. We kregen een soort lezing van twee uur over alles wat daar groeide. Pas later vertelde hij ook dat hij muzikant was en de wereld had rondgereisd.
Tijdens een eenmalig optreden mocht ik Piet Veerman begeleiden, bekend van The Cats. Tijdens de repetities viel meteen op dat hij iemand is met enorm droge humor. Een echte verhalenverteller, met een ongekende dosis humor. Die repetities waren voor mij ook een soort masterclass in hoe je een band naar een hoger niveau tilt.

Stampvast / Jaap de Bok
De oud-drummer Klaas Kap ging na Canyon verder in de band Stampvast. Later voegde ook Jaap de Bok zich bij die groep. Stampvast paste in de Volendamse traditie van bands die veel speelden op feesten, partijen en kermissen, met muziek die dicht bij het publiek stond.
Met Jaap de Bok heb ik een periode samengewerkt. We namen liedjes op voor allerlei lokale kermisartiesten. Ik heb zo diverse liedjes gearrangeerd, onder meer voor De Sammies, De Vieze Vaaltjes en Gerrit & de Kokosnoten en diverse anderen. Muziek die je met een korreltje zout moet nemen.
Sticko / Eek-A-Mouse
Gerrit & de Kokosnoten wilden eens experimenteren met een liedje in het ska-genre. Ik stelde voor om daar ook een reggae-artiest bij te betrekken. Zo kwamen we op het spoor van Sticko, echte naam Steven Tevreden, uit Suriname.
We hebben een gezellig liedje met hem gemaakt, met de titel Ska. Tijdens de opnames sprak hij allerlei Jamaicaanse kreten in. Ook stak hij, denk ik, wel tien keer een joint op. De studio stond al snel blauw van de rook. Later hebben we ook nog een optreden met hem gedaan in feestzaal Jozef.
Sticko is toetsenist geweest van Eek-A-Mouse, een bekende reggae band uit Jamaica. Die kende ik wel, want ik was al eens bij een concert van Eek geweest.
Een paar jaar later trad ik eens met Funkaholic op tijdens de zomerfeesten in De Koog op Texel. Daar kwam ik Sticko toevallig weer tegen. Hij trad daar op met zijn band Sticko-X. Ik sprak hem nog even, maar zag aan zijn ogen dat er iets was. Niet lang daarna hoorde ik dat hij ziek was. In 2017 is hij overleden.

Peter Steur / Blanko
Ook mijn zwager Peter Steur maakt deel uit van dat bredere muzikale netwerk. Hij was toetsenist bij Blue Velvet. Later speelde hij ook mee in een Leonard Cohen-project met mijn vader. Tegenwoordig begeleidt hij Jan de Witte als toetsenist bij Blanko. Als we elkaar zien, gaat het vaak vanzelf over muziek: over bands, optredens, nummers, muzikanten en alles wat daarbij hoort.

Samenwerking met mijn vader
Vanaf 2008 ben ik steeds vaker samen met mijn vader muziek gaan maken. In de eerste periode traden we af en toe op met Sebastian Mol (piano). Als er iemand ging trouwen, speelden we een paar liedjes. Soms deden we dat ook bij een begrafenis. Dat laatste vond ik wel erg zwaar om te doen.
In 2011 maakten we ook eens een conceptalbum met allerlei bewerkingen van bestaande liedjes. Dat deden we gewoon in een eenvoudige homestudio. Toch zijn daar een aantal mooie liedjes uit voortgekomen, zoals Geen verwijten, Ik hou van jou en Achterlangs. Die vind ik heel mooi geworden. We zijn nog bezig met een remaster van bepaalde liedjes.
Samen met Christiaan Veerman hebben we jarenlang gelegenheidsoptredens gedaan. Soms verder in het land, zoals in het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen, en dan weer tijdens een expositie in Amsterdam. Maar we speelden ook veel in Volendam. Café Charleston werd bijna onze vaste plek.
Daarnaast waren er diverse projecten waarbij we steeds weer met andere muzikanten een optreden verzorgden. Zoals op deze foto, waar we een tribute to Tom Waits optreden deden. Hier spelen Martin Tol op bas en Christiaan Veerman op keys mee.

